Weight Watchers

Mijn gewicht is altijd al een probleem geweest. Mijn relatie met voeding ook. Ik lust heel weinig. Een studie heeft uitgewezen dat je smaak zich begint uit te breiden vanaf je elfde levensjaar. Een andere wetenschappelijke studie zou bewezen hebben dat je tussen de tien à vijftien keer iets moeten proeven voor je echt oprecht kan zeggen dat je iets niet lust.

Wel bij mij heeft mijn smaak zich niet uitgebreid vanaf mijn elfde levensjaar, al moet ik wel toegeven dat ik nu al meer “lust” dan pakweg tien jaar geleden. Het andere is ook waar dat ik sommige voedingsmiddelen die ik vroeger graag at nu amper binnen krijg.

Als we het hebben over vijftien keer iets te proeven. Zo ver krijg je mij nooit. Het zal in mijn hoofd zitten, maar als ik éénmaal iets geproefd heb en het niet binnen kreeg kan ik er mij niet over zetten om het op een ander tijdstip opnieuw te proeven. Voedsel dat ik niet lust, krijg ik absoluut niet doorgeslikt. Er zijn ook etenswaren die ik niet walgelijk vind, maar ook niet lekker. Die kan ik dan wel opeten, maar ik kan het mij niet laten om een gezicht te trekken. Het is dus voor iedereen overduidelijk op dat moment dat ik liever op iets anders zou zitten knabbelen.

Komen er nog die voedingsmiddelen bij waarvan ik de smaak wel lekker vind maar mij niet kan overzetten hoe vies het aanvoelt in mijn mond. Zo zijn er aardbeien, sinaasappels, yoghurt met brokjes in, …

Het feit een klein pallet te hebben van voedingswaren die je binnen krijgt, maakt het niet gemakkelijk om je gewicht op peil te houden, en zeker moeilijk om je gewicht naar beneden te krijgen. Want de lekkere dingen zijn zoals bij veel kinderen niet de meest gezonde. Geef mij gerust alle dagen boterhammen met choco.

Eten is voor mij ook niet iets wat ik uit plezier doe. Het is gewoon een noodzaak om je lichaam brandstof te geven om te blijven verder gaan. Mij doe je geen plezier met een uitgebreid etentje, laat ons eerder langs de dijk gaan wandelen, of in het bos om een gezellig moment te hebben. Dat maakt dus ook dat de eindejaarsfeesten van 2020 voor mij eigenlijk leuke feestdagen waren. Door de lockdown mochten we niet met de hele familie zo goed als een hele dag aan tafel zitten. Mijn introverte kant, en mijn ik wil geen hele dag aan eten spenderen kant voelden zich opperbest.

Vroeger, in mijn jeugdjaren, heb ik een periode gehad dat ik mezelf overtuigde om niet te eten in bijzijn van andere mensen (anders dan mijn familie). Dat betekende dat ik op school, als we op het middaguur in de refter zaten, geen voeding tot mij nam. ’s Ochtends stond ik randje nippertje op om naar school te gaan, dus ik nam ook geen tijd om te ontbijten. Slechte gewoontes. Want daardoor kwam ik tussen 16u en 17u thuis en begon ik te eten, mijn ontbijt, mijn middagmal in een keer en rond 19u kwam het avondeten op tafel. In die jaren ben ik redelijk veel bijgekomen en ik was al niet van het magere type.

Toen ik in het vijfde en zesde middelbaar zat werd het allemaal rustiger in mijn hoofd, qua angsten. Ik kreeg ook echt vriendinnen (één waarover ik blogde) en vond de heks in mezelf. Waardoor ik van eten minder een probleem maakte. Ik at op regelmatige tijdstippen, ik fietste naar school. Op woensdagnamiddag fietste ik wel eens met E rond. En op die manier kwam mijn gewicht wel weer meer op peil.

Toen ik afstudeerde, startte de grote gewichts-JOJO. Sinds pakweg 2004 verdik ik en vermager ik geleidelijk aan, maar het is gewoon te veel. In 2012 heb ik denk ik mijn zwaarste gewicht gehad in mijn volwassen leven. In 2013 zijn mijn man en ik aan een dieet begonnen, kwam ik op -10 kilo. Na de feestdagen dat jaar was het diëten gedaan en ben ik altijd blijven schommelen in die ruimte van 10 kilo (bijkomen, afvallen, bijkomen, afvallen).

In 2018 werd bij mijn echtgenoot het barretsyndroom vastgesteld waardoor hij zijn voedingspatroon volledig moest wijzigen. Hij is de kok in huis, dus dat had ook effect op mij, toen ben ik dus zonder er moeite voor te doen gewicht beginnen verliezen. Puur omdat ons eten op aan andere manier (minder vet enzo) werd klaargemaakt. Na een tijd gaat de pijn over, werken de medicijnen en waag je je alweer aan frietjes en andere zaken. Met als resultaat geleidelijk aan weer op mijn hoogste gewicht.

Tussen 2018 en 2021 hebben we (heb ik) op verschillende manieren geprobeerd om gewicht onder controle te houden. Natuurlijk onder de omstandigheden die we de voorbije twee jaar allemaal meegemaakt hebben (de covid-kilo’s) is dat moeilijk.

In september vroeg een collega-vriendin mij om met haar mee te gaan naar de weight watchers workshops. Ik dacht, ik geef het de drie maanden promotieperiode. Sinds september tot nu ben ik nog niet veel kwijt, pakweg 3 kilo. Maar ik merk wel een andere verandering, één die het verliezen van gewicht langduriger zal maken.

Ik probeer op regelmatige tijdstippen te eten, in plaats van te proberen maaltijden over te slaan op momenten dat ik te veel stress heb. Ook het snoepen uit frustratie ben ik aan het afleren. Allemaal kleine overwinningen die ik zonder hulp nooit zou hebben geprobeerd. Intussen is de promo van drie maanden gratis verlopen. Vanaf deze maand ben ik een betalend lid van Weight Watchers. Het is niet goedkoop, maar ik merk dat het helpt, dus ik ga het nog enkele maanden blijven doen.

Met mijn echtgenoot hebben we afgesproken dat als ik onder een vastgesteld gewicht ben ik het zonder de hulp probeer. Uiteindelijke doel is gezonder te leven. En daar ben ik nu al naar op weg.

Over boeken denk ik

Als kind had ik niet veel gezelschap nodig. Nu ook niet, hoewel met die aanhoudende gezondheidscrisis en die maatregelen waar je zo weinig mensen kan zien begin je toch een beetje drang te krijgen naar andere gezichten. Maar ik geniet nog altijd enorm van die momenten alleen. Echt opladen doe ik dan.

Ik ben opgegroeid met twee zussen, telkens ongeveer 3 jaar tussen ons in. Vaak werd er dan met twee opgetrokken en viel de derde uit de boot. Ik vond dat niet erg. Ik herinner mij een moment dat ik in mijn kamer zat op mijn poef met het licht uit gewoon rustig te fantaseren. Mijn vader kwam binnen en schrok een beetje dat ik daar zo alleen zat, en vroeg of ik dat vaak deed. Ik zal maar een jaar of negen geweest zijn. Ja, ik deed dat wel regematig.

Er zijn ook gewoon dingen die ik liever doe zonder gezelschap, niet dat niemand mag weten wat ik aan het doen ben. Het is gewoon een moment om op te laden. Veel introverten zullen zich hierin wel herkennen. Als je met drie in een appartement woont met twee slaapkamers en open keuken/living, zijn de plaatsen beperkt om alleen te zijn. Ook dan lukt het meestal nog wel, zoals nu, terwijl ik dit blogbericht schrijf. De dochter ligt al in haar bed (zou moeten slapen maar ik hoor nog gerommel) en de man zit in de living naar de voetbal te kijken. Stilte in de slaapkamer dus.

Deze namiddag ben ik met mijn dochter naar het bos geweest, we hebben gemediteerd, verbinding gezocht met de natuur en onze tarotkaarten. Het was vooral een moment van ons twee, een moment van stilstaan en rust vinden. Toen we terug naar de auto stapte zei mijn dochter dat het nooit echt stil was, je hoorde op de achtergrond toch nog auto’s, en er was ook nog redelijk wat passage van lopers. Ze vond het heel moeilijk om het geruis buiten te sluiten. En dat is ook moeilijk, ik heb ook nog van die momenten waar ik er niet in slaag om al het geruis buiten te sluiten. Vaakt komt dit voor in die periodes waar het ook extreem luidruchtig is in mijn hoofd. Zo een periode heb ik achter de rug. Ik heb de rust te danken aan mijn week verlof, waar we sowieso niet veel gepland hadden en er ruimte is om regelmatig echt ontspanning op te zoeken.

Zo heb ik de eerste dagen paar keer echt ononderbroken kunnen lezen. Een vlot leesbaar boek, beetje melig en voorspelbaar, maar het verhaal had mij beet. En dat heb ik niet vaak met chicklits. Ik lees veel liever Fantasy waar je in andere werelden terecht komt, of Young Adult waar vreemde wezens heersen, of magie bestaat. Dat is pure escapisme. Soms moet je gewoon de volwassene uithangen zeker. Kort voor ik aan dit bericht begon te typen heb ik een vijftal minuten naar de boekenkast staan staren. Ze zit goed vol, en eerlijk het ritme waarop ik boeken koop is groter dan het ritme waarop ik ze lees. Mijne man zei deze voormiddag nog dat we met alle boeken die in de kelder liggen nog twee boekenkasten zouden kunnen vullen. Ze weg doen wil ik niet. Als we naar een huis verhuizen zal er ruimte genoeg zijn om ze allemaal in beeld te zetten. Komt wel.

Maar dus, ik heb een vijftal minuten naar de boekenkast zitten staren. Lezers zoals ik zullen het wel herkennen, nog in de roes van het pas uitgelezen boek op zoek naar iets dat je evenveel gaat innemen. En dan wil je het gevoel van dat boek nog niet kwijt, dus besluit je toch een dag of twee te wachten voor je aan een ander begint. Ik heb in de boekenkast een zestal boeken van Jill Mansel liggen. Drie dat ik mij zelf heb gekocht overlaatst met een actie. Van die drie heb ik “Je bent geweldig” in een vorige verlofperiode in enkele rukken uitgelezen. Toen begon ik aan een ander boek van Mansel en het boeide niet. Voorbije weekend ging ik langs bij mijn zus (coronaproof). Ik had haar het boek “Kalme Chaos” meegenomen zodat ze dat kon lezen, en ze gaf mij in de plaats nog enkele Jill Mansel boeken. Het boek dat ik deze week zo snel uit had was “Stuur me een berichtje”. Ik kan nog steeds de titel niet bij het verhaal plaatsen, al doet dat er niet toe. Ik kon dus niet meteen een ander boek van dezelfde schrijfster vast nemen, want zie dat ik hetzelfde voor had. Het probleem is, als ik aan een boek begin en dat neer leg omdat ik niet in het verhaal kan verdwijnen, dan vrees ik dat ik het nooit uitgelezen krijg.

Morgen dus nieuwe boeken zoektocht. En maandag weer aan het werk, dus misschien weer minder energie, tijd om te lezen. Zolang ik energie en tijd kan hebben voor de dochter en hare papa en soms voor mezelf is het oké.

Keep on smiling!